Subsidiereglement - Kwaliteit van de sportverenigingen

 

Enig artikel.

Het subsidiereglement op de kwaliteit van de sportverenigingen wordt als volgt vastgesteld:
Algemeen

 

Artikel 1.

Dit subsidiereglement bepaalt de voorwaarden voor toekenning van subsidies aan de sportverenigingen binnen de perken van de door de gemeenteraad in de financiële nota van het budget vastgestelde werkingssubsidie.
Dit reglement houdt bij het toekennen van subsidies rekening met kwaliteitscriteria.

 


Art. 2.

Wie kan gesubsidieerd worden?
Sportverenigingen die erkend worden door het gemeentebestuur in uitvoering van het reglement op de erkenning van sportverenigingen en die een subsidieaanvraag indienen op de manier zoals dit reglement voorschrijft.

 

Art. 3.

Uitsluitingen: wie kan niet gesubsidieerd worden?
Erkende sportverenigingen die niet kunnen gesubsidieerd worden volgens dit subsidiereglement:
1. sportverenigingen die subsidies verkrijgen van gemeentelijke vzw ’s of gemeentelijke verzelfstandigde agentschappen
2. sportverengingen die subsidies ontvangen van andere gemeentebesturen

 

Art. 4.

Subsidieperiode
De periode van 12 maanden voorafgaand aan 30 juni van het subsidiejaar.

 

Art. 5.

Vanaf artikel 6 wordt de term “sportvereniging” gebruikt voor verenigingen die door het gemeentebestuur erkend zijn als sportvereniging en die een regelmatige aanvraag tot subsidie hebben ingediend gedurende het subsidiejaar en die daarenboven niet uitgesloten zijn van subsidiëring zoals bepaald in artikel 3 van huidig reglement.

 

Art. 6.

Soorten subsidie
Dit reglement voorziet in volgende soorten subsidies verdeeld over volgende kwaliteitsrubrieken:

 

1. subsidie voor de kwaliteitsvolle begeleiding van de leden van de sportvereniging - Sporttechnisch kader – Kwaliteitsvolle trainers
2. subsidie voor de kwaliteitszorg van het sporttechnisch kader - Kwaliteitsvolle scheidsrechters/juryleden.
3. subsidie voor de kwaliteit van de structuur van de sportvereniging en een kwaliteitsvol management.
4. subsidie voor een kwaliteitsvol financieel beleid.
5. subsidie voor een kwaliteitsvolle communicatie.
6. subsidie voor gestructureerde en kwalitatieve jeugdwerking.
7. subsidie voor het stimuleren van de betrokkenheid met de gemeentelijke sportraad.

 

Kwaliteitsrubriek 1
Kwaliteitsvolle begeleiding van de leden van de sportvereniging- Sporttechnisch kader – Kwaliteitsvolle trainers

 

1.0 Algemeen

 

Art. 7.

Om de kwaliteit van het sporttechnisch kader te stimuleren kunnen subsidies worden toegekend:
1. aan sportverenigingen die hun leden laten begeleiden door kwaliteitsvolle trainers.
2. voor trainers die bijscholingen volgen.
3. voor interne ondersteuning en bewaking van de kwaliteit van het sporttechnisch kader via een sporttechnische commissie of een gekwalificeerde trainer.

 

Art. 8.

Voor de toepassing van kwaliteitsrubriek 1 worden de sportverenigingen onderverdeeld in 3 sportcategorieën in functie van de beoefende sportdiscipline.
Er worden drie sportcategorieën voorzien, nl.:
1. de categorie ploegsporten: de sporten die niet op individuele basis worden beoefend.
2. de categorie gevechtssporten.
3. de categorie individuele sporten andere dan gevechtssporten.
Het bedrag bestemd voor kwaliteitsrubriek 1 kwaliteitsvolle begeleiding van de leden van de

sportvereniging – sporttechnisch kader wordt in principe als volgt verdeeld onder de sportcategorieën:
ploegsporten 50 %
gevechtssporten 25 %
andere (individuele) sporten 25 %
Die onderverdeling kan, mits motivatie, aangepast worden o.m. naargelang het aantal aanwezige gekwalificeerde trainers binnen een categorie.

 

1.1 Werken met gekwalificeerde trainers

 

Art. 9.

Bepalingen
Kwaliteitsvolle trainer: persoon die op het stuk van training een bepaalde kwalificatiegraad bezit en die werkelijk training geeft aan de leden van de sportclub gedurende de subsidieperiode.
Kwalificatiegraad: is de graad van bekwaamheid die een trainer volgens artikel 11 van dit reglement heeft.

 

Art. 10.

Voorwaarde
Om aanspraak te kunnen maken op punten voor kwaliteitsvolle trainers moet een sportvereniging gedurende het subsidiejaar minstens gedurende 26 weken onder haar verantwoordelijkheid training laten geven aan de leden door trainers met een bepaalde kwalificatiegraad.

 

Art. 11.

Kwalificatiegraad - algemeen
De kwalificatiegraad wordt bepaald volgens de behaalde diploma’s en getuigschriften en/of de gevolgde cursussen, opleidingen, clinics en dergelijke.
Enkel de kwalificatiegraden die betrekking hebben op de sportdiscipline(s) van de betrokken sportvereniging komen in aanmerking.
De kwalificatiegraden worden ingedeeld in een aantal types volgens de referentietabel van de Vlaamse Trainersschool in het kader van de subsidiereglementen van lokale en regionale besturen (subsidiëren sportclubs).
De diploma’s die niet voorkomen op de referentietabel worden ingedeeld in de types van de tabel waarbij onder meer gebruik gemaakt wordt van de assimilatietabel van opleidingsniveaus opgemaakt door de Vlaamse Trainersschool in verband met de trainersopleidingen.

 

Kwalificatiegraad - gevechtssporten
Voor de gevechtssporten wordt naast de algemene kwalificatiegraad nog een kwalificatiegraad ingevoerd die rekening houdt met het niveau dat de gevechtssporter die training geeft, heeft behaald binnen zijn sport omdat niet voor alle gevechtssporten erkende trainersopleidingen bestaan.

 

Art. 12.

Toekenning punten
Per kwaliteitsvolle trainer wordt een aantal punten toegekend indien minimum gedurende 26 weken training wordt gegeven.

 

Type -opleidingsniveau Punten
1 (instapniveau) 10
2 20
3 30
4 40
5 50
6 60
7 65
8 70

 

Het aantal punten kan worden verhoogd naarmate eenzelfde trainer meer dan 4 uren training per week geeft met een maximum van 20 punten per trainer op advies van de sportraad.

 


Toekenning gevechtsporten
Binnen de categorie gevechtssporten wordt per kwaliteitsvolle trainer die geen VTS-diploma kan voorleggen en die gedurende minimum 26 weken training geeft, een aantal punten toegekend. Indien hij een VTS - diploma kan voorleggen wordt het hoogste aantal punten van de 2 tabellen toegekend.

 

Judo Karate Ju Jitsu Budo-Kaido TeakWondo Hapkido Punten
1e 2e Dan 1e 2e 3e Dan 5
3e Dan 4e 5e Dan 10
4e 5e Dan 6 + 15
6+ 20
8e Dan 7e Dan 7e Dan 8e D 6e D / 25

 

Het aantal punten kan worden verhoogd naarmate eenzelfde trainer meer dan 4 uren training per week geeft.

 

1.2 Gevolgde bijscholingen door gekwalificeerde trainers

 

Art. 13.

Voor gekwalificeerde trainers die wensen hun niveau te verbeteren en op peil te houden door bijscholingen te volgen, wordt per gevolgde bijscholing 5 bijkomende punten toegekend aan de sportvereniging.

 

1.3 Ondersteuning en bewaking van de kwaliteit van het sporttechnisch kader

 

Art. 14.

Er kunnen tot maximum 10 bijkomende punten worden toegekend voor sportverenigingen die de kwaliteit van het sporttechnisch kader ondersteunen en bewaken via
o een gekwalificeerde trainer die het trainerskorps begeleidt;
ofwel
o een sporttechnische commissie die het trainerskorps begeleidt.
Die functies dienen te zijn opgenomen in het organogram van de sportvereniging.

 

1.4 Bewijsstukken en controle

 

Art. 15.

Bewijsstukken
Sportverenigingen die in aanmerking willen komen voor een subsidie voor Kwaliteitsvolle begeleiding van de leden van de sportvereniging- Sporttechnisch kader moeten de nodige bewijsstukken indienen.
Uit die bewijsstukken moeten alle elementen blijken die nodig zijn om de aanvraag te kunnen beoordelen, onder meer:
1. de diploma’s van de gekwalificeerde trainers.
2. de ingevulde tabel met het wekelijkse trainingsschema waarop duidelijk te zien is welke trainer wanneer training geeft en gedurende welke periode dat schema is toegepast.
Voor elke gewijzigde situatie binnen het trainingsschema moet een nieuwe tabel worden ingediend.
3. bewijsstukken van de gevolgde bijscholingen door de gekwalificeerde trainers.
4. organogram van de sportvereniging waarop de sporttechnische commissie of de trainer die de kwaliteit van het sporttechnisch kader ondersteunt en bewaakt, voorkomt.

 

1.5 Berekening

 

Art. 16.

Puntentelling
Voor iedere sportvereniging worden de toegekende punten opgeteld:
o Voor elke kwaliteitsvolle trainer (1.1).
o Voor de gevolgde bijscholingen (1.2).
o Voor de ondersteuning en bewaking van de kwaliteit van het sporttechnisch kader via een trainer of commissie (1.3).

Berekening
1. Per sportcategorie wordt het aantal behaalde punten per sportvereniging getotaliseerd.
2. Het bedrag bestemd per sportcategorie (art 8) wordt verdeeld door het totaal van 1: het quotiënt vertegenwoordigt de waarde in geld van 1 punt.
3. Per sportvereniging wordt het aantal toegekende punten vermenigvuldigd met de waarde in geld (zie 2).
Correctiefactor
Bij sportverenigingen die geen eigen kantine hebben en/of uitbaten, wordt een correctiefactor 2 toegepast op het toegekend bedrag.
Bij sportverenigingen die een eigen kantine hebben, worden volgende correctiefactoren toegepast:
- tot en met 50 leden correctiefactor 1,60
- vanaf 51 tot en met 100 leden correctiefactor 1,30.

 

Art. 17.

Voorafgaande melding en controle
Melding
Verenigingen die wensen aanspraak te maken op de subsidie voor het sporttechnisch kader moeten controle op de juistheid van de gegevens toelaten en mogelijk maken.
Die verenigingen bezorgen op vraag van de sportdienst de ingevulde tabel met het trainingsschema voor hun sportseizoen en melden iedere wijziging aan de sportdienst via een nieuwe tabel.
Controle
Verantwoordelijken van de sportdienst kunnen controleren of de opgegeven trainers daadwerkelijk training geven zoals aangeduid op het schema.
Bij vaststelling van onregelmatigheden wordt een verslag opgesteld.
De betrokken sportverenging krijgt de kans om de onregelmatigheid schriftelijk te verantwoorden.
Het verslag van de vaststelling van onregelmatigheid en de verantwoording door de sportvereniging wordt naar aanleiding van de subsidieberekening mee in aanmerking genomen en kan aanleiding geven tot vermindering of niet toekennen van punten.

 

Kwaliteitsrubriek 2
Subsidie voor de kwaliteitszorg van het sporttechnisch kader
Kwaliteitsvolle scheidsrechters/juryleden

 

2.0 Algemeen

Art. 18.

Om sportverenigingen te stimuleren om te werken met gediplomeerde scheidsrechters/juryleden en om de inspanningen die gedaan worden om de kwaliteit van de scheidsrechters/juryleden op peil te houden, kunnen subsidies worden toegekend.

 

2.1 Werken met gekwalificeerde scheidsrechters/juryleden

Art. 19.

Per actieve-gediplomeerde scheidsrechter/jurylid kan een sportvereniging punten verkrijgen.

De punten worden toegekend volgens het niveau van de scheidsrechters: er wordt onderscheid gemaakt tussen 3 niveaus: lokaal – provinciaal – federaal.
Het niveau van scheidsrechters/juryleden zal aan de hand van de ingediende bewijsstukken als volgt worden ingedeeld:
niveau Punten
lokaal 10
provinciaal 15
federaal 20

 

2.2 Gevolgde bijscholingen door gekwalificeerde scheidsrechters/juryleden

 

Art. 20.

De sportvereniging kan aanspraak maken op punten voor gekwalificeerde scheidsrechters/juryleden die hun niveau wensen te verbeteren en op peil te houden.
Per gevolgde bijscholing worden 5 bijkomende punten toegekend aan de sportvereniging.

 


2.3 Bewijsstukken

Art. 21.

Bewijsstukken
Om in aanmerking te komen voor subsidie dient de sportvereniging de nodige bewijsstukken te leveren:
1. het bewijs dat het scheidsrechter/jurylid gediplomeerd is en gedurende de subsidieperiode actief was als scheidsrechter/jurylid. Het niveau van scheidsrechter/jurylid dient duidelijk te zijn.
2. een bewijs van de gevolgde bijscholingen door gekwalificeerde scheidsrechters/juryleden.

 

2.4 Berekening

 

Art. 22.

Puntentelling
Voor iedere sportvereniging worden de toegekende punten opgeteld.
o Voor de actieve gediplomeerde scheidsrechters/juryleden (2.1).
o Voor de gevolgde bijscholingen (2.2).
Berekening
1. Het aantal behaalde punten per sportvereniging wordt getotaliseerd.
2. Het bedrag bestemd voor de kwaliteit van het sporttechnisch kader – Kwaliteitsvolle scheidsrechters/juryleden wordt verdeeld door het totaal van 1: het quotiënt vertegenwoordigt de waarde in geld van 1 punt.
3. Per sportvereniging wordt het aantal toegekende punten vermenigvuldigd met de waarde in geld (zie 2).

 

Kwaliteitsrubriek 3
Subsidie voor de kwaliteit van de structuur sportvereniging en kwaliteitsvol management

 

Art. 23.

Sportverenigingen kunnen gestimuleerd worden om aandacht te hebben voor de kwaliteit van hun bestuurskader, om te beschikken over een transparante en duidelijke structuur en een bedacht beleid te voeren.

 

Art. 24.

De sportvereniging kan aanspraak maken op punten voor:
1. duidelijke structuur en/of omschrijving.
a. Juridische vorm is een vzw: maximum 5 punten.
b. Hebben van statuten of een huishoudelijk reglement: maximum 5 punten.
c. Bestaan van een organogram: maximum 5 punten.
d. Duidelijk omschreven functies van de bestuurders: maximum 5 punten.
e. Houden van een algemene vergadering: maximum 5 punten.
f. Beschikken over een uitgewerkt beleidsplan: maximum 5 punten.

 

2. aansluiting bij een erkende Vlaamse sportfederatie: 5 punten.

 

3. afzonderlijk jeugdbestuur: 5 punten (moet blijken uit organogram).

 

4. volgen van bijscholingen door een of meer bestuursleden: 5 punten per vereniging per gevolgde bijscholing.

 

Art. 25.

Bewijsstukken
Om in aanmerking te komen voor subsidie dient de sportvereniging de nodige bewijsstukken te leveren:
1. het bewijs van de juridische vorm, een exemplaar van de statuten, het huishoudelijk reglement, het organogram, de omschreven functies, de aansluiting bij een sportfederatie, bewijs leveren van het houden van een algemene vergadering (agenda, uitnodiging, verslag), een exemplaar van het uitgewerkt beleidsplan.
2. hen bewijs van de gevolgde bijscholingen door bestuursleden.

 

Art. 26.

Puntentelling
Voor iedere sportvereniging worden de toegekende punten volgens artikel 24 opgeteld.
Berekening
1. Het aantal behaalde punten per sportvereniging wordt getotaliseerd.
2. Het bedrag bestemd voor de kwaliteit van de structuur van de sportvereniging wordt verdeeld door het totaal van 1: het quotiënt vertegenwoordigt de waarde in geld van 1 punt.
3. Per sportvereniging wordt het aantal toegekende punten vermenigvuldigd met de waarde in geld (zie 2).

 

Kwaliteitsrubriek 4
Subsidie voor een kwaliteitsvol financieel beleid

 

Art. 27.

Om sportverenigingen te stimuleren om een kwaliteitsvol financieel beleid te voeren kunnen subsidies toegekend worden.

 

Art. 28.

Volgende items kunnen in aanmerking worden genomen om aan sportverenigingen punten toe te kennen indien zij blijk geven van een doordacht en transparant financieel beheer.
1. Financiële planning op korte/middellange en lange termijn / is er een begroting:
maximum 5 punten.
2. Opmaken balans – resultatenrekening - financieel verslag:
maximum 5 punten.
3. Controle van penningmeester/schatbewaarder:
maximum 5 punten.

 

Art. 29.

Bewijsstukken
Om in aanmerking te komen voor subsidie dient de sportvereniging de nodige bewijsstukken te leveren voor de items van artikel 28.

 

Art. 30.

Puntentelling
Voor iedere sportvereniging worden de toegekende punten volgens artikel 28 opgeteld.

 

Berekening
1. Het aantal behaalde punten per sportvereniging wordt getotaliseerd.
2. Het bedrag bestemd voor een kwaliteitsvol financieel beleid wordt verdeeld door het totaal van 1: het quotiënt vertegenwoordigt de waarde in geld van 1 punt.
3. Per sportvereniging wordt het aantal toegekende punten vermenigvuldigd met de waarde in geld (zie 2).

 

Kwaliteitsrubriek 5
Subsidie voor een kwaliteitsvolle communicatie

 

Art. 31.

Sportverenigingen kunnen via subsidies gestimuleerd worden om interne en externe interactieve, permanente doelgerichte en open communicatie te voeren.

 

Art. 32.

Aan de sportverenigingen kunnen punten toegekend worden indien zij qua communicatie voldoen aan één of meer van volgende voorwaarden:
1. gebruiken van verschillende communicatiekanalen
a. eenmalige publicaties:
maximum 5 punten.
b. nieuwsbrief (elektronisch of niet):
maximum 5 punten.
c. actuele website:
maximum 5 punten.
2. binnen de sportvereniging is er een communicatieverantwoordelijke;
functie is voorzien op het organogram en wordt uitgeoefend:
maximum 5 punten.

Art. 33.

Bewijsstukken
Om in aanmerking te komen voor subsidie dient de sportvereniging de nodige bewijsstukken te leveren voor de items van artikel 32.

 

Art. 34.

Puntentelling
Voor iedere sportvereniging worden de toegekende punten volgens artikel 32 opgeteld.

 

Berekening
1. Het aantal behaalde punten per sportvereniging wordt getotaliseerd.
2. Het bedrag bestemd voor een kwaliteitsvolle communicatie beleid wordt verdeeld door het totaal van 1: het quotiënt vertegenwoordigt de waarde in geld van 1 punt.
3. Per sportvereniging wordt het aantal toegekende punten vermenigvuldigd met de waarde in geld (zie 2).

 

Kwaliteitsrubriek 6
Gestructureerde en kwalitatieve jeugdwerking

 

Art. 35.

Sportverenigingen kunnen gestimuleerd worden om kwalitatieve en gestructureerde jeugdtrainingen aan te bieden.

 

Art. 36.

Algemene voorwaarden
1. De sportvereniging moet op 31 december van het vorig jaar een minimum aantal jongeren tot en met 18 jaar tellen die zijn aangesloten.
Dit minimum wordt afhankelijk van het totaal aantal leden van de vereniging beoordeeld.
2. De sportvereniging moet die jongeren specifieke jeugdtraining geven onder deskundige begeleiding.
3. De sportvereniging moet blijk geven van een engagement om deel te nemen aan jeugdsportpromotiecampagnes.
o Sportverenigingen met meer als 100 leden engageren zich om mee te werken aan minimum 2 jeugdsportpromotiecampagnes per jaar.
o Sportverenigingen met minder als 100 leden engageren zich om mee te werken aan minimum 1 jeugdsportpromotiecampagne per jaar.
4. De vereniging moet gedurende minimum 26 weken per jaar minstens 2 uur per week jeugdtraining geven onder deskundige leiding. In voorkomend geval dient die jeugdtraining per leeftijdsgroep of niveau georganiseerd.
5. De sportvereniging moet beschikken over een jeugdcoördinator en/of een jeugdcommissie.
6. De sportvereniging moet beschikken over een sportplan in verband met de jeugdopleiding.

 

Art. 37.

Afhankelijk van de gegeven jeugdtrainingen worden punten toegekend voor de voorwaarden 2, 4, 5 en 6.

 

voorwaarde puntenverdeling
2 5 punten
Bijkomend kunnen er punten toegekend worden in functie van het aantal jeugdtrainingen op basis van het trainingsschema
4 5 punten
o Bijkomend kunnen er punten toegekend worden indien de periode van jeugdtrainingen de 26 weken significant overschrijdt.
o Bijkomend kunnen er punten toegekend worden afhankelijk van de diversiteit van de jeugdtrainingen op basis van het trainingsschema
5 5 punten
6 Maximum 5 punten

 

Art. 38.

Puntentelling
Voor iedere sportvereniging worden de toegekende punten volgens artikel 34 opgeteld.

 

Berekening
4. Het aantal behaalde punten per sportvereniging wordt getotaliseerd.
5. Het bedrag bestemd voor de gestructureerde en kwalitatieve jeugdwerking wordt verdeeld door het totaal van 1: het quotiënt vertegenwoordigt de waarde in geld van 1 punt.
6. Per sportvereniging wordt het aantal toegekende punten vermenigvuldigd met de waarde in geld (zie 2).

 

Art. 39.

Bewijsstukken en controle
Om in aanmerking te komen voor de subsidie dient de sportvereniging de nodige bewijsstukken in te dienen.
Verantwoordelijken van de sportdienst en/of de sportraad kunnen controleren of er daadwerkelijk jeugdtraining gegeven wordt.

 

Kwaliteitsrubriek 7
Stimuleren betrokkenheid gemeentelijke Sportraad

 

Art. 40.

Sportverenigingen kunnen gesubsidieerd worden voor de mate waarin ze blijk geven van betrokkenheid bij de gemeentelijke sportraad.

 

Art. 41.

Puntentoekenning aan de sportverenigingen:
parameter Toe te kennen punten
1. Lid gemeentelijke sportraad 1 (maximum aantal punten als er sportverenigingen aangesloten zijn)
2. Aanwezigheid vertegenwoordiging in de algemene vergadering van de sportraad 1 (maximum aantal punten als er sportverenigingen aangesloten zijn per algemene vergadering)
3. Deelname studiemomenten, cursussen e.d. georganiseerd door of in samenwerking met de sportraad 1 (maximum 1 punt per sportvereniging en per studiemoment)
4. Medewerking aan organisaties van of erkend door de raad van bestuur van de sportraad
Maximum 500 punten proportioneel te verdelen volgens de geleverde inzet over de sportverenigingen die hun medewerking verleenden aan die organisaties van de sportraad

 

Art. 42.

Berekening
1. De punten die aan iedere sportvereniging werden toegekend volgens de parameters 1 tot en met 4 van artikel 41 worden opgeteld tot een totaal aantal punten.
2. Het bedrag bestemd voor het stimuleren van de betrokkenheid bij de sportraad wordt gedeeld door het totaal van 1: het quotiënt vertegenwoordigt de waarde in geld van 1 punt.
3. Per sportvereniging wordt het aantal toegekende punten vermenigvuldigd met de waarde in geld (zie 2).

 

Krediet

 

Art. 43.

Voor toekenning van subsidie volgens dit reglement moet geput worden uit het krediet dat wordt voorzien in het budget voor de subsidies aan sportverenigingen en dat bestemd is voor de kwaliteit van de sportverenigingen.

 

De verdeling van het krediet per rubriek wordt jaarlijks op de begroting in detail opgenomen.
De voorziene kredieten per kwaliteitsrubriek moeten niet volledig worden uitgeput.

 

Restanten van niet volledig toegekende kredieten kunnen geheel of gedeeltelijk naar andere kwaliteitsrubrieken worden overgeheveld. Overheveling van kredieten tussen rubrieken moet duidelijk gemotiveerd worden in het subsidiebesluit.

 

Procedure en Uitbetaling

 

Art. 44.

De aanvraag tot subsidiëring wordt door de sportverenigingen ingediend bij de sportdienst van het gemeentebestuur. De aanvraag dient te gebeuren via de formulieren die door de sportdienst ter beschikking worden gesteld op papier of langs digitale weg. Bewijsstukken die niet langs digitale weg kunnen bezorgd worden, dienen ingediend bij de sportdienst tegen ontvangstbewijs.

 

Een schriftelijk ontvangstbewijs voor fysiek ingediende aanvragen en bewijsstukken wordt enkel afgeleverd bij persoonlijke afgifte tijdens de openingsuren van de administratie van de sportdienst. Voor per post verzonden aanvragen of bewijsstukken of buiten de openingsuren van de administratie ingediende aanvragen wordt geen ontvangstbewijs ingediend.

 

Het subsidiereglement en de aanvraagformulieren zijn beschikbaar op de sportdienst.

 

Het online aanvraagdossier is toegankelijk tussen 1 mei en 30 juni van het betrokken jaar.

 

De subsidieaanvraag moet worden ingediend voor 1 juli van het betrokken jaar.

 

Er wordt naar gestreefd dat de verdeling, toekenning en bekendmaking van de subsidies plaatsvinden voor 1 december van het betrokken jaar.

 

De uitbetaling van de subsidie dient te gebeuren voor 31 december van het betrokken jaar.

 

Slotbepaling

 

Art. 45.

§1. Het College van Burgemeester en Schepenen is belast met de verdere uitvoering van dit reglement.
§2. Het gemeenteraadsbesluit van 24 oktober 2013 betreffende de vaststelling van het subsidiereglement op de kwaliteit van de sportverenigingen wordt opgeheven.

 

 

Datum goedkeuring: 24 april 2014

Datum bekendmaking: 2 mei 2014

 

Download hier het gemeenteraadsbesluit Subsidiereglement op de kwaliteit van de sportverenigingen 24 april 2014

 

 

 

 

Contact

Sportdienst Edward Verheyestraat 14 8300 Knokke-Heist

Openingsuren

050 630 480 050 630 499  Sport@knokke-heist.be