Politieverordening op het strand en de zee

1. Algemene bepalingen

Artikel 1. Voor de toepassing van deze politieverordening wordt verstaan onder:

Baden: het zich hoger dan kniehoogte begeven in het water

Badkarhouder: de subconcessionaris van een domeinconcessie op het strand, zoals omschreven in de lasten en voorwaarden voor de subconcessies aan de badkarhouders

Bevoegde personen:

  • de vaststellende ambtenaren aangesteld in het kader van de wet van 24 juni 2013 op de gemeentelijke administratieve sancties;

  • de politieambtenaren en agenten van politie overeenkomstig de wet op het politieambt van 5 augustus 1992.

Brandingsporten: elke sportactiviteit beoefend met tuigen voor brandingsporten die zee kiezen vanaf het strand met uitzondering van de vaartuigen bedoeld in artikel 37,§1, van het Koninklijk besluit van 4 augustus 1981

Bufferzone: de zone aangeduid door de met scheepvaartcontrole belaste ambtenaar aan de zijkant van een zwemzone en veiligheidszone, en loodrecht op de laagwaterlijn zoals bepaald in artikel 3 van het koninklijk besluit betreffende de brandingsporten zoals aangeduid op het plan gevoegd als bijlage 1 bij dit besluit

Evenement: een verplaatsbare gebeurtenis van tijdelijke aard waarbij muziek, kunst, cultuur, sport, educatie, promotie of een combinatie daarvan centraal staat. Dergelijke gebeurtenis heeft een openbaar karakter en is vrij toegankelijk voor het publiek

Hoogwaterlijn: waterlijn die de uiterste grens van de hoogste waterstand – op het ogenblik dat de vloed het hoogst is – weergeeft

Insteekzone: de door de met scheepvaartcontrole belaste ambtenaar aangewezen zones in de kustzone die werden aangewezen voor het beoefenen van brandingsporten zoals bepaald in artikel 3 van het koninklijk besluit betreffende de brandingsporten zoals aangeduid op het plan gevoegd als bijlage 1 bij dit besluit

Kustzone: Zone tot een halve zeemijl zoals bepaald in artikel 3 van het koninklijk besluit betreffende de brandingsporten zoals bepaald in artikel 3 van het koninklijk besluit betreffende de brandingsporten zoals aangeduid op het plan gevoegd als bijlage 1 bij dit besluit

Laagwaterlijn: de nullijn zoals die op de op grote schaal uitgevoerde Belgische zeekaarten is aangebracht

Pootjebaden: het zich tot kniehoogte begeven in het water …

Strand: de uit zand bestaande zeeoever, met uitzondering van het strandreservaat De Baai van Heist, maar met inbegrip van de zgn. dijkduinen (d.w.z. de spontane duinvorming of duinbegroeiing op het strand), die gelegen is tussen de laagwaterlijn en de zeedijkconstructie of, bij afwezigheid van een zeedijkconstructie, tussen de laagwaterlijn en de duinvoet

Strandreddingsdiensten: diensten die instaan voor de veiligheid van personen op het strand en in zee, meer bepaald de strandredders en de personen aangesteld door de watersportclubs om in te staan voor de bewaking van de watersportbeoefenaars

Tuigen voor strandvermaak: Toestel gebruikt door de strandrecreant bij het spelen op het strand met inbegrip van luchtmatrassen en plastieken bootjes zoals bepaald in artikel 1 van het koninklijk besluit betreffende de brandingsporten

Tuigen voor brandingsporten: materiaal dat gebruikt wordt om brandingsporten te beoefenen met inbegrip van surfplanken, peddles, windsurftuigen, jetski’s, jetscooters, kites, pedalo’s en rafts zoals bepaald in artikel 1 van het koninklijk besluit betreffende de brandingsporten

Vaartuig: elk drijvend tuig (met uitzondering van tuigen voor zeestrandvermaak), met of zonder motor en met inbegrip van watervliegtuigen, geschikt om te worden gebruikt als middel van vervoer of verplaatsing te water, conform artikel 37 van het KB van 4/8/1981

Veiligheidszone: de zone van 50 meter zeewaarts achter de zwemzone zoals bepaald in artikel 3 van het koninklijk besluit betreffende de brandingsporten zoals aangeduid op het plan gevoegd als bijlage 1 bij dit besluit

Waterlijn: lijn die de actuele stand van het water aangeeft en doorgaans gesitueerd is tussen de hoogwaterlijn en de laagwaterlijn

Watersportclub: de subconcessionaris van een domeinconcessie op het strand, zoals omschreven in de lasten en voorwaarden voor de subconcessies aan de watersportclubs

Winterperiode: regeling die van kracht is in de periode vanaf 16 oktober tot en met 14 maart

Zeezone: zone voorbij een halve zeemijl tot 2 zeemijl zeewaarts zoals bepaald in artikel 3 van het koninklijk besluit betreffende de brandingsporten zoals aangeduid op het plan gevoegd als bijlage 1 bij dit besluit

Zomerperiode: regeling die van kracht is in de periode vanaf 15 maart tot en met 15 oktober

Zwemzone: de door de met scheepvaartcontrole belaste ambtenaar aangewezen zones voor zwemmers zoals bepaald in artikel 3 van het koninklijk besluit betreffende de brandingsporten zoals aangeduid op het plan gevoegd als bijlage 1 bij dit besluit

Artikel 2. Toepassingsgebied

Deze politieverordening is van toepassing op het grondgebied van de gemeente Knokke-Heist en op elke persoon die zich op het grondgebied bevindt ongeacht zijn woonplaats of nationaliteit.

Artikel 3.

Het is verplicht de instructies van de strandreddingsdiensten en de bevoegde personen op te volgen.

Artikel 4.

De baders en watersporters moeten strikt de veiligheidsseinen van de redders aan zee naleven.

De richtlijnen kunnen gegeven worden door middel van geluidssignalen geblazen op de misthoorn of door het zwaaien met de gekleurde handvlag of mondeling.

2. Strandactiviteiten

Artikel 5. Aanvraag van een evenement op het strand en in de zee

De procedure voor de aanvraag van een evenement op het strand en in de zee staat bepaald in de desbetreffende politieverordening.

Artikel 6. Strandvisserij

Strandvisserij van op het strand of golfbreker is verboden tijdens de bewakingsuren in de zwem-, veiligheids-, insteek- en bufferzones.

Artikel 7.

Het is verboden putten te graven die een gevaar kunnen opleveren voor zichzelf of voor anderen.

Artikel 8. Strandzeilen en zetels

§1. Het is verboden om als particulier strandzeilen en zetels te plaatsen:

  • op minder dan 5 meter vanaf de hoogwaterlijn

  • op de subconcessie van de badkarhouders,

  • op minder dan 5 meter voor of achter de particuliere strandcabines, met uitzondering van subconcessiehouders/ huurder van een strandcabine.

§2. Het is verboden strandzeilen te plaatsen die hoger zijn dan 1,60 meter.

§3. Het is verboden om ’s avonds voorwerpen achter te laten op het strand.

Artikel 9. Voertuigen

§1. De toegang tot het strand met rijwielen en voertuigen, al dan niet voorzien van een motor, is verboden.

§2. Paragraaf 1 geldt niet voor:

1° de voertuigen of rijwielen van de politie-, gemeente-, reddings- en hulpdiensten, en de voertuigen of rijwielen van of in opdracht van overheidsdiensten;

2° de voertuigen gebruikt voor het plaatsen en weghalen van de particuliere strandcabines, van 15 maart tot en met 15 mei en van 15 september tot en met 15 oktober;

3° de voertuigen gebruikt voor het plaatsen en weghalen van de materialen, die strikt noodzakelijk zijn en dienen voor de exploitatie van de strandconcessies van 15 maart tot en met 15 mei en van 15 september tot en met 15 oktober en de voertuigen mogen enkel rijden op de concessie;

4° de voertuigen die strikt noodzakelijk zijn en dienen voor de exploitatie van de watersportclubs en de voertuigen mogen enkel rijden op de concessie.

§3. De toegelaten voertuigen op het strand moeten stapvoets rijden en de kortst mogelijke route nemen en onmiddellijk na het laden en/of lossen het strand te verlaten.

Artikel 10. Tuigen voor strandvermaak

§1. In de zomerperiode is het gebruik van zeilwagens, landboards en aanverwante tuigen op het strand verboden tussen 10.00 uur en 20.00 uur.

§2. In de winterperiode is het gebruik van zeilwagens, landboards en aanverwante tuigen verboden op het strand gelegen tussen de Meerlaan en de Oosthinderstraat.

Het gebruik van deze tuigen voor strandvermaak zijn toegelaten op de rest van het strand en bij goede zichtbaarheid.

§3. De bestuurder van een tuig voor strandvermaak moet meester blijven of zich hiertoe laten bijstaan.

3 Baden en zwemmen in zee

Artikel 11.

Het is verboden in zee te zwemmen:

  • buiten de bewaakte zwemzones

  • in de zwemzone buiten de uren van bewaking

  • bij rode vlag

  • door personen zichtbaar onder invloed van alcohol, medicijnen of andere drugs

Artikel 12.

§1. De zwemzones, de bufferzones en de insteekzones voor watersporten staan afgebakend op plan 1 van dit besluit.

§2. De onbewaakte zones worden op het strand aangeduid door de volgende signalisatieborden of door een windzak met hetzelfde pictogram:

§3. De bewaakte zwemzones worden op het strand aangeduid door:

1° signalisatieborden met onderaan de vermelding van de uren van bewaking door de strandreddingsdienst:

                                

2° gele bolvormige boeien geplaatst tussen de hoogwaterlijn en de laagwaterlijn:

 

§4. In de zwemzone zijn tuigen voor strandvermaak enkel toegelaten, voor zover ze geen gevaar opleveren voor de baders, tijdens de uren van bewaking door de strandreddingsdienst en bij groene vlag.

Artikel 13. Bewaking

§1. De dagen en de uren van bewaking door de strandreddingsdienst worden jaarlijks door het college van burgemeester en schepenen vastgesteld.

§2. De baders en watersporters moeten strikt de veiligheidsseinen van de strandredders naleven.

De richtlijnen kunnen mondeling gegeven worden of door middel van geluidssignalen geblazen op de misthoorn of door het zwaaien met de gekleurde handvlag:

1° een driehoekige vlag van groene kleur betekent dat baden toegelaten is:

 

2° een driehoekige vlag van gele kleur betekent dat baden gevaarlijk is en dat alle tuigen voor strandvermaak verboden zijn:

 

3° een driehoekige vlag van rode kleur die betekent dat baden en tuigen voor strandvermaak verboden zijn:

      

§3. Het is de baders verboden in de reddingsboten plaats te nemen of er zich aan vast te klampen, behoudens in geval van nood.

§4. In de bewaakte zwemzones mogen de baders zich niet verder in zee begeven dan de lijn die gevolgd wordt door enerzijds het heen en weer varen van de reddingsboten en anderzijds het aangeven van de redders.

4. Vaartuigen

Artikel 14. Vaartuigen zijn verboden in de zwemzone, bufferzone en de veiligheidszone.

Vaartuigen (en tuigen voor brandingsporten) zijn uitsluitend toegelaten in de insteekzones en mits toelating van de watersportclub, behoudens vaartuigen van de overheids-, politie-, reddings- en andere hulpdiensten en vaartuigen gebruikt in opdracht van deze diensten (zie plan 1)

Artikel 15. Jetski’s en jetscooters zijn verboden in de zwemzone, de bufferzone, de insteekzone en de veiligheidszone.

Behoudens de reddingsdiensten, mogen ze geen zee kiezen van op het strand en niet vanuit de zee het strand kiezen.

Artikel 16. Overzicht van wat in de verschillende zones is toegestaan


Onbewaakte zwemzone-


Bewaakte zwemzone

Insteekzone voor brandingssporten met toelating van de watersportclub

Insteekzone voor vaartuigen met toelating van de watersportclub

pootjebaden

pootjebaden

 

 

 

Baden/zwemmen

 

 

 

tuigen voor strandvermaak

 

 

 

 

Alle tuigen voor brandingssporten,

met uitzondering van jetski’s en jetscooters

 

 

 

 

Alle tuigen voor brandingsporten inclusief roeiboten en pleziervaartuigen waarvan de lengte over alles 6m of minder bedraagt,

met uitzondering van jetski’s en jetscooters behoudens deze gebruikt door reddingsdiensten (rescue)

 

Artikel 17. Het beoefenen van brandingsporten

§1. Het beoefenen van brandingsporten is enkel toegelaten in de daartoe voorziene toegelaten zones, zoals bepaald in het KB brandingsporten van 22 juni 2016, en tijdens de bewakingsuren van de watersportclubs. De bewaking wordt aangeduid met een groene driehoeksvlag met het silhouet van een windsurfer:

 

Een verbod tot uitoefening van brandingsporten tijdens de bewakingsuren wordt aangeduid met een rode driehoeksvlag met het silhouet van een windsurfer:

 

§2. De bestuurder van een tuig voor brandingsporten moet altijd in staat zijn de controle over zijn tuig te behouden.

Het beoefenen van die activiteit mag anderen niet hinderen.

5. Maatregelen en sancties

Artikel 18.

1° Ingeval van overtreding van deze politieverordening kunnen de bevoegde personen de overtreder aanmanen om de inbreuk onmiddellijk te doen ophouden en om de gepaste maatregelen te nemen om de hinder te beperken.

2° De overtreder en/of de verantwoordelijke verlenen hun volledige medewerking en verstrekken de bevoegde personen alle relevante inlichtingen bij de uitvoering van hun onderzoek.

Artikel 19.

Voor zover bij wetten, decreten, besluiten, algemene of provinciale verordeningen geen straffen of sancties zijn voorzien, worden de overtredingen op de bepalingen van deze politieverordening gestraft met een gemeentelijke administratieve sanctie conform het algemeen reglement op de gemeentelijke administratieve sancties.

Artikel 20.

Het gemeenteraadsbesluit van 25 februari 2016 houdende de wijziging en de coördinatie van de politieverordening op het strand en de zee wordt opgeheven.

Artikel 21.

§1.Dit besluit wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 186 en 187 van het gemeentedecreet.

§2.  Een afschrift van dit besluit wordt toegestuurd aan:

  • De gouverneur van de provincie West-Vlaanderen;

  • De procureur des Konings bevoegd in politiezaken te Brugge;

  • De griffier van de rechtbank van eerste aanleg te Brugge;

  • De korpschef van de lokale politie Damme/Knokke-Heist.

Besluit

 

 Datum goedkeuring: 22 december 2016

Datum bekendmaking: 27 december 2016