Bouwverordening betreffende de tijdelijke afsluitingen tijdens de uitvoering van bouw- en afbraakwerken

BESLUIT:

Artikel 1. - Toepassingsveld.

- Bij het uitvoeren van werken of handelingen, zoals bedoeld in artikel 44 van de wet op
de stedebouw, is het plaatsen van schuthekken of bouwwerfafsluitingen verplicht binnen
de zones voor gesloten bebouwing.
- Binnen de zones voor open bebouwing kan dezelfde verplichting opgelegd worden
wanneer de openbare veiligheid in het gedrang kan komen.

 

Artikel 2. - Definities

2.1. Schuthekkens:

Schuthekkens zijn tijdelijke en verplaatsbare werfafsluitingen die
uitsluitend aangewend worden bij slopingswerken; na het uitvoeren van
deze werken dienen zij terug verwijderd.

2.2. Bouwwerfafsluitingen.

Bouwwerfafsluitingen zijn tijdelijke afsluitingen welke aan of in de bodem
bevestigd worden en zijn te voorzien tijdens de volle duur van de
bouwwerken, behoudens bij slopingswerken.

Artikel 3. - Afmetingen materialen en inplanting.

3.1. Schuthekkens.

- Schuthekkens dienen te bestaan uit een houten of metalen konstruktie van
minimum 2 meter hoogte, en met een maximale inname van 2 meter op het
openbaar domein voor zover er een vrije breedte van het voetpad overblijft
van minimum 1,50 meter.
- Bij het beëindigen van de dagelijkse werkzaamheden dient de werf
volledig afgesloten d.m.v. een gelijkaardige konstruktie.
- De afsluiting dient voorzien van een bord met vermelding van de naam
van de verantwoordelijke en het telefoonnummer waarop hij te bereiken is.
- Het College kan desgevallend, met het oog op de openbare veiligheid en
het beperken van allerlei hinder, bijkomende maatregelen opleggen.

3.2. Bouwwerfafsluiting.

- Bouwwerfafsluitingen dienen te bestaan uit een houten konstruktie welke
vervaardigd wordt hetzij uit volle waterbestendige platen, hetzij uit een
hekwerk van vertikale planken, dikte minimum 18 mm., bevestigd op een

voldoende stevige en gefundeerde draagstruktuur, volgens de modellen
zoals weergegeven op de bijlage 1 aan onderhavige verordening.

- Deze bouwafsluitingen dienen in het wit geschilderd, en voldoende
onderhouden te zijn en hebben een verplichte hoogte van 2 m. gemeten
vanaf peil voetpad of voorliggend straatpeil

- Wanneer de afsluiting voorzien wordt van een toegangsdeur of dito
hekken mag dit niet bewegen over het openbaar domein; deze deur of
hekken dient te bestaan uit hetzelfde materiaal als de rest van de afsluiting.

- De afsluiting dient voorzien van een bord met vermelding van de naam
van de verantwoordelijke en het telefoonnummer waarop hij te bereiken is.

- Indien het ganse voetpad wordt ingenomen of minder dan 1 meter vrije
ruimte op het bestaande voetpad overblijft is de aanvrager verplicht een
houten noodvoetpad buiten de afsluiting aan te leggen met een minimum
nuttige breedte van 1 meter.
Dit noodvoetpad dient te voldoen aan het model zoals weergegeven op de
bijlage 2 van onderhavige verordening. De aansluiting met het bestaand
voetpad moet zodanig zijn dat de toegang voor mindervaliden gewaarborgd
bijft.

- De minimale doorgangsruimte voor het verkeer dient 4,5 meter te
bedragen voor wegen met tweerichtingsverkeer en 3 meter voor wegen met
éénrichtingsverkeer

- Het College kan desgevallend, met het oog op de openbare veiligheid en
het beperken van allerlei hinder, bijkomende maatregelen opleggen.

Artikel 4 - Publiciteit.

Het aanbrengen van iedere vorm van publiciteit hetzij op de schuthekkens en de bouwwerfafsluitingen
hetzij op het noodvoetpad is verboden.
Evenwel is een vermelding van het projekt, de ontwerper en de aannemers toegelaten mits hierbij de
volgende richtlijnen in acht genomen worden:

- de voornoemde vermeldingen dienen te gebeuren op witgeschilderde houten planken,
lengte 1,50 m. - hoogte 10 cm., te plaatsen boven elkaar waarop de diverse teksten worden
geschreven met zwarte verf.

Artikel 5 - Afwijking.

Het College van Burgemeester en Schepenen kan bij gemotiveerde beslissing afwijking verlenen op de
hierboven vermelde voorschriften.

Artikel 6 - Strafmaatregelen.

Op de overtredingen van onderhavige verordening zijn de bepalingen opgenomen onder titel IV
hoofdstuk III van de wet van 29 maart 1962 houdende organisatie van de Ruimtelijke Ordening en van
de Stedebouw, gewijzigd bij de wetten van 22 april 1970, 22 december 1970, 25 juli 1974, 12 juli 1976,
28 juli 1976, 22 december 1977, 28 juni 1978 en 10 augustus 1978 en bij decreten van 28 juni 1984, 27
juni 1985 en 28 juni 1985 van de Vlaamse Raad, van toepassing.

Artikel 7.

Onderhavige bouwverordening treedt in werking tien kalenderdagen na de publicatie van de
goedkeuring door de bevoegde gemeenschapsminister in het Belgisch Staatsblad en na de bekendmaking
door het College van Burgemeester en Schepenen in toepassing van de artikelen 112, 113 en 114 van de
nieuwe Gemeentewet.

Aangenomen met eenparigheid van stemmen.

Datum goedkeuring: 26 maart 1991

Datum bekendmaking: 30 maart 2015

 

Download hier het gemeenteraadbesluit betreffende de tijdelijke afsluitingen tijdens de uitvoering van bouw- en afbraakwerken