Kinderbijslag - toeslag voor eenoudergezinnen

Omschrijving:

Als eenoudergezin hebt u naast de basiskinderbijslag ook recht op een bijkomende toeslag, de toeslag voor eenoudergezinnen.

U vormt een eenoudergezin als u alleen woont met een of meerdere kinderen. U vormt ook een eenoudergezin als u samenwoont met uw kinderen en met een familielid zoals uw vader, zus of tante. Zolang het een verwantschap is tot maximaal een derde graad, blijft u recht hebben op de eenoudertoeslag.

  • In rechte lijn zijn er zoveel graden als er generaties zijn. Zo ligt er tussen ouders en hun kinderen één generatie. Vader en zoon hebben dus een eerstegraadsrelatie ten opzichte van elkaar.
  • In de zijlijn bepalen we de graad via de gemeenschappelijke stamouders. We gaan in opgaande lijn tot de gemeenschappelijke stamouder, vanaf deze stamouder dalen we vervolgens af. Een broer en een zus zijn bijvoorbeeld verwant aan elkaar in de tweede graad.
Voorwaarden: 
  • U woont alleen met een of meerdere kinderen.
  • U ontvangt de gewone kinderbijslag.
  • Uw inkomen ligt niet hoger dan de vastgelegde inkomensgrenzen.

De toeslag wordt toegekend vanaf de maand volgend op de maand waarin u een eenoudergezin werd.

Het kinderbijslagfonds gaat om de zes maanden na of u nog recht hebt op een verhoging van de kinderbijslag via het formulier Toeslag op de kinderbijslag.

Bedrag: 

Het bedrag van de bijkomende toeslag vindt u op de website van Famifed.