Ecodriving

Ecodriving = ecologisch + economisch autorijden!

Ecodriving is een nieuwe, duurzame manier van autorijden. Wie de principes van ecodriving toepast, gebruikt zijn motor efficiënt. We rijden namelijk wel met een nieuwe wagen, maar we besturen hem alsof het nog een auto met verouderde motor betreft. Dat is allesbehalve efficiënt en zeker niet milieuvriendelijk.

Dankzij ecodriving

  • bespaar je gemiddeld 10% brandstof. per jaar. Ook gaat je motor langer mee.
  • gaat, samen met je brandstofverbruik, ook de uitstoot van CO2 en andere schadelijke stoffen omlaag.
  • zal je veiliger en ontspannen autorijden. Je leert om vooruit te kijken en te anticiperen in het verkeer. Hierdoor loop je minder risico op ongevallen en zit je meer ontspannen achter het stuur.

Tips

  • Gebruik je auto niet voor korte afstanden
    • De beste manier om je brandstofverbruik onder controle te houden is de wagen aan de kant te laten staan. Denk aan de alternatieven: de fiets, carpoolen, het openbaar vervoer,… 
  • Schakel sneller naar een hogere versnelling
    • In een hogere versnelling betekent een lagere motorsnelheid en minder brandstofverbruik. Je schakelt het best bij 2500 toeren bij benzinewagens en bij 2000 toeren bij dieselwagens. Wanneer je wagen op snelheid is, blijf dan in de hoogst mogelijke versnelling rijden, zo verbruikt de motor het minst. 
  • Anticipeer en vermijd om te remmen
    • Kijk zo ver mogelijk vooruit terwijl je rijdt. Volg de verkeersstroom en anticipeer op wat voor je gebeurt. Hou voldoende afstand ten opzichte van je voorligger. Zo vermijd je dat je sterk moet remmen wanneer je voorganger remt.
    • Wanneer je een obstakel nadert, laat het gaspedaal los en blijf uitbollen in dezelfde versnelling, schakel pas terug wanneer je opnieuw wil versnellen. Wanneer je remt, verlies je energie die juist door de motor is opgewekt. Wanneer je vertraagt zonder terug te schakelen, wordt de brandstoftoevoer volledig afgesloten.
    • Laat tijdig gas los, wanneer je een kruispunt, verkeerslicht, etc. nadert. De brandstoftoevoer naar de motor wordt onderbroken en het verbruik is 0,0 liter. Dit onderbreken is mogelijk omdat de motor dan via de wielen wordt aangedreven, en de motor zichzelf dus niet "draaiende" hoeft te houden, zoals dat bij stationair draaien of "in neutraal rijden" wel het geval is.
    • Rem op de motor: Laat hierbij de motor zo lang mogelijk in dezelfde versnelling zonder koppeling in te drukken. De meeste moderne motoren sluiten automatisch de brandstoftoevoer af zodra je het gaspedaal loslaat. Schakel dan terug net boven de 1000 toeren/min.
  • Zet de motor uit bij korte stops
    • Al vanaf 30 seconden stilstand (bij een spoorwegovergang, om iemand op te pikken,…) is het beter om de motor uit te zetten. 
  • Plan je route en vermijd omwegen
    • Door je route vooraf te plannen (eventueel met een navigatiesysteem) kan je onnodige omwegen en druk stadsverkeer vermijden. 
  • Kies de juiste snelheid
    • Op de autosnelweg is 10 à 15 km/u trager rijden goed voor een vermindering met 1 liter per 100 km. De tijdswinst door sneller te rijden is verwaarloosbaar. Ook het aanhouden van een gelijkmatige snelheid beperkt het verbruik. Rij bij een constante snelheid in een zo hoog mogelijke versnelling (bvb. 70 km/h in de 5e versnelling). Maak bijvoorbeeld gebruik van cruise-control.
    • Rij niet te snel! Bij snelheden boven 100km/u is de snelheid de bepalende factor voor het brandstofverbruik.
  • Beperk het sluipverbruik
    • Gebruik accessoires zoals de achterruitverwarming, mistlampen of airco alleen wanneer het echt nodig is, want ze verbruiken veel energie. Air-conditioning doet het verbruik tot 25% toenemen. Door je ramen gesloten te houden bij snelheden boven 60km/u kan je je brandstofverbruik gemakkelijk met 5% verminderen. De beste manier om je brandstofverbruik onder controle te houden is de wagen aan de kant te laten staan. Denk aan de alternatieven: de fiets, carpoolen, het openbaar vervoer,…  
  • Controleer je bandenspanning
    • Elke band, zelfs een nieuwe, verliest elke maand ongeveer 0.15 bar. Een te lage spanning veroorzaakt een hoger verbruik, zorgt voor minder grip op de weg en de banden slijten sneller. Hou dus je bandenspanning maandelijks op peil. Of controleer bij elke tankbeurt. Meer informatie op www.ecospanning.be.
  • Beperk gewicht en luchtweerstand
    • Bagage op het dak, een skibox of een fietsenrek verhogen de luchtweerstand en dus ook het verbruik. Ook bij extra gewicht gaat je verbruik omhoog. 
  • Onderhoud je wagen
    • Een slecht onderhouden auto is vervuilender, verbruikt tot 5 % meer en rijdt minder vlot. Breng je auto dus op tijd binnen voor onderhoud.
    • Registreer je brandstofverbruik. Heeft je auto plots meer verbruikt voor hetzelfde aantal kilometers, dan is er misschien iets defect of aan vervanging toe.